Zwemles (schoolzwemmen)

door Fred de Koning

"Het eerste wat we gaan doen..." zo begon de badmeester. Ik had nog nooit zwemmen geleerd en toen de eerste les begon, werd ik dus ingedeeld bij de beginners. We stonden tot onze navel in het water van het pierenbadje terwijl de badmeester ons op rustige toon vertelde dat we zouden leren drijven voordat we leerden zwemmen.
Precies zoals de badmeester had gezegd, hield ik mijn handen in elkaar boven mijn hoofd en liet me zachtjes achterover zakken. "Je lichaam is lichter dan het water, dus je blijft drijven." Ik hoor het hem nog zeggen... de beunhaas!!!
Hij had zijn leerlingen wel eens wat beter mogen bekijken. Ik had een heel snel werkende schildklier, waardoor ik niet dik kon worden. Eten werd onmiddellijk in energie omgezet; niet in vet. Ik was zo mager als een lat en ik zonk meteen naar de bodem. Een goed begin is het halve werk. Ik vertrouwde hem niet meer.

Een goed begin? Het was nog niet eens het begin. Ik had als kleuter al een hekel gekregen aan zwemmen. Ik moest mee toen mijn broer zwemles kreeg. Toen mijn tenen in het water stonden, dacht ik meteen: brrrr, wat koud!!! In plaats van een beetje begrip te tonen, begonnen mijn moeder en mijn broer me uit te lachen en te roepen dat ik bang was dat het water zou bijten. Ik probeerde nog te zeggen dat het gewoon koud was, maar ze riepen des te harder, alsof ze me ten koste van alles niet wilden horen.

Maar goed... terug naar die eerste zwemles met schoolzwemmen... Gelukkig werden de beginners al tijdens de eerste les gesplitst: degenen die het gauw zouden leren en degenen die meer tijd nodig zouden hebben. Van die badmeester was ik verlost! Die juffrouw die we toen kregen, heeft het uiteindelijk voor elkaar gekregen, me te laten drijven, maar dan wel met 4 kurken om mijn middel en 1 in de handen (of in mijn nek als het op de rug was). Het zwemmen was daarna eigenlijk geen probleem. Dankzij de zwembewegingen bleef ik boven water, ook zonder kurken. Alleen moest ik snellere slagen maken dan degenen die lichaamsvet hadden.

Was ik nu echt van die badmeester bevrijd? Nee, niet helemaal. Het is daarna nog een paar keer gebeurd dat onze juffrouw afwezig was en dan zaten we weer met hem opgescheept. En wat hij ons liet doen... de sadist!!! En het gebeurde allemaal ongestraft. Toen ik die keer thuis kwam en aan mijn moeder vertelde hoe we met hoge snelheid het water in moesten springen, klaagde ik over het feit dat hij op de rand zat, ons bij een arm pakte en een slinger vooruit gaf... maar hij vergat blijkbaar dat het een opstaande rand was. Tientallen keren wilde ik over de rand springen, maar hij trok me meteen weer omlaag, daarbij riskerend dat ik zou struikelen. Het is niet gebeurd, maar... Moet je net mijn moeder hebben! Iedere andere moeder zou een steun en toeverlaat zijn geweest. De mijne zei altijd dat ik me niet moest aanstellen en in dit geval voegde ze eraan toe dat die badmeester heus wel wist wat hij deed. Ik stond er helemaal alleen voor. Die badmeester moet ooit gemerkt hebben dat ik mijn hoofd niet graag onder water had. En dus moest ik dat van hem. Toen ik dat een keer niet meteen deed, duwde hij me onder... juist toen ik inademde. Ik verslikte me hevig en kreeg alleen nog maar een grotere hekel aan hem.

Die juffrouw was heel wat beter. Maar één ding neem ik haar na al die tientallen jaren nog steeds kwalijk: ze beloofde vaak dat we naar het diepe mochten als we goed ons best deden. Ik dacht echt dat ze op een dag zou zeggen dat we (de meesten althans) het verdienden om naar het diepe te gaan en dat ik dan mee moest. Maandenlang was ik iedere maandag kotsmisselijk van pure angst... doodsangst in letterlijke zin!

Op een dag, juist toen onze juffrouw er weer niet was en ik inmiddels wel kon zwemmen maar nog steeds niet drijven, werd ik bevorderd. Ik mocht naar de "box". Dat was het ondiepste deel van het diepe. De diepte varieerde van 1,20m tot 1,50m. Ik stond daar aan de kant en dacht: als ik erin spring, ga ik kopje onder... Zonder enige waarschuwing gaf de Sadist me een duw. Ik verdween onder water, zag nog vaag de ladder waarlangs je eruit kon klimmen... en het volgende dat ik weet, is dat de Sadist me aan de haak had. De klok stond 5 minuten verder. Ik was dus bewusteloos geweest. De Sadist sleepte me naar het ondiepste deel, waar een meisje van mijn klas zei dat ik daar kon staan. Juist op dat moment riep een andere badmeester: "Aankleden!!!"

Vanaf dat moment was de badmeester die ik zojuist noemde, mijn badmeester. In het begin stond hij me toe, via de ladder het water in te gaan. Maar na een tijdje vond hij het tijd worden dat ik erin sprong. In doodsangst klampte ik me aan de deurpost van een kleedhokje vast. Hij praatte en praatte, maar ik was mijn bijna-verdrinken nog niet vergeten. Ook wees hij me erop dat een jongen zijn benen spreidde en dat hij daardoor niet kopje onder ging. Ja ja, dacht ik, hij niet, maar ik... En ik dacht aan het drijven dat anderen wel konden maar ik niet.
Dan zei hij: "Nee, ik heb een idee. Kom eens mee..." Ik liet niet meteen los, maar hij bleef aandringen: "Kom eens mee; ik moet je iets laten zien."
Op het moment dat ik losliet, slingerde hij me het water in. In een flits dacht ik: BENEN SPREIDEN; HET IS MIJN ENIGE KANS!
En inderdaad: ik ging niet kopje onder!!!
Vanaf dat moment wist ik dat ik deze badmeester kon vertrouwen, in tegenstelling tot de Sadist.

Na een X aantal maanden verhuisden we van de box naar het diepe. Ipv 1,50m sprongen we nu in 3m diep water. Omdat ik nog geen 1,50m lang was, maakte dat voor mij geen enkel verschil: te diep is te diep. Ik sprong er zó in.
Nu had ik die dag juist straf op school gekregen: ik moest nablijven. Die sprong in het diepe was voor de juffrouw reden om in de bus van het zwembad naar de school te zeggen dat ze "zo ontroerd was van de vorderingen van vanmiddag" dat ik niet hoefde te blijven. Ik heb haar uiteraard niet gezegd dat ik in mijn ogen niets bijzonders had gedaan.

Die laatste badmeester was toen al rond de 50 jaar oud. Zou hij nu nog leven, dan zou hij nu rond de 100 zijn. Jammer, want ik had hem eigenlijk wel willen bedanken voor het feit dat hij me over een héél moeilijk punt heen heeft geholpen.

Heb ik mijn zwemdiploma uiteindelijk gehaald? Nee. Op mijn rug zwemmen is me nooit gelukt. Mede door het falen in het drijven, durfde ik me niet achterover te laten zakken. Tijdens het afzwemmen (terwijl ik aan het watertrappen was ipv op mijn rug te zwemmen) kreeg ik te horen dat ik de rest van die dag in het pierenbadje moest gaan zwemmen.

 

 

 

 

 

Naar hoofdpagina "Fred de Koning"